29 JUL (klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)
De deelnemers op niveau 2 hebben de test van 29-07-2026 zo ingevuld:
Last night, when I ........ the washing up, I heard a funny noise in the back garden.
was doing do did
Je gebruikt de verleden tijd en de verleden tijd in duurvorm om aan te geven dat iets gebeurde (verleden tijd) terwijl er al iets anders aan de gang was (verleden tijd in duurvorm).
Zie ook de pagina verleden tijd.
The fisherman has caught many ........ (vissen) in his life.
fishs fishen fishe's fish
Het woord "fish" is een uitzondering en blijft onveranderd in het meervoud. De Oxford Dictionary rekent ook de vorm "fishes" goed, al wordt deze vorm veel minder vaak gebruikt.
Zie ook de pagina sheep, women.
This antique coffee table is my most valuable ........ .
possesion posession posesion possession
De juiste spelling van het woord 'bezit' is 'possession'.
Zie ook de pagina accessible.
I wasn't here when it happened. I was in Australia ........ .
than then
Je gebruikt "than" in een vergelijking: beter dan, groter dan, etc. In alle andere gevallen gebruik je "then".
Zie ook de pagina than, then.