0 actieve gebruikers

Inloggen bestaande gebruiker

Aanmelden nieuwe gebruiker

Naar mobiele versie


voorzetsels | look after

Het Engels kent een aantal uitdrukkingen die bestaan uit een combinatie van een voorzetsel + een werkwoord. Dit zijn vaste voorzetselcombinaties die een heel eigen betekenis hebben.

 

Hieronder vind je een aantal voorbeelden.

 

to accuse of 

beschuldigen van 

to be ashamed of 

zich schamen voor 

to ask for

vragen om

to ask around

rondvragen, navraag doen

to back up (the car)

(de auto) achteruit rijden

to back (someone) up

aanmoedigen, achter iemand staan

to be angry with 

boos zijn op (iemand) 

to be enchanted with  

betoverd zijn door 

to beg for 

bedelen om 

to believe in 

geloven in 

to break down

ophouden met functioneren (voertuig)

to break down

overstuur raken (persoon)

to break ... down

(iets) in stukken opdelen

to break up

een relatie beëindigen

to bring (someone) up

(iemand) opvoeden

to bring (something) up

(iets) ter sprake brengen

to call around

rondbellen, telefonisch navraag doen

to call (something) off

(iets) afblazen

to be capable of 

aankunnen, in staat zijn 

to catch up

op hetzelfde punt komen, inhalen

to check ... out

(iets/iemand) grondig onderzoeken

to cheer up

vrolijker worden

to cheer (someone) up

(iemand) opvrolijken

to chip in

meehelpen, een steentje bijdragen

to come across (something)

toevallig tegenkomen

to come apart

van elkaar loskomen

to come forward

als vrijwilliger melden, bewijs aandragen 

to cross out (something)

(iets) doorstrepen

to cut back on (something)

(iets) minder eten / drinken / gebruiken

to cut in

onderbreken, ingrijpen (peroon)

to cut in

automatisch inschakelen (apparaat)

to cut in (verkeer)

bumperkleven

to cut off (contract)

verbreken, niet meer leveren

to cut (somebody) off

(iemand) onterven

to deal in

handelen in

to deal with 

behandelen, het hoofd bieden aan

to depend on 

afhankelijk zijn van 

to do away with ...

... wegdoen, opruimen

to do (something) up

(bijv. jas) goed dichtdoen

to drop by / drop in

langskomen 

to drop out

stoppen (bijv. met een opleiding)

to end up

uiteindelijk bereiken / beslissen

to engage in 

deelnemen aan 

to embark on 

zich begeven op

to expose to

blootstellen aan

to fall apart

uit elkaar vallen

to fall down

op de grond vallen

to fall out

uitvallen (bijv. haar, tanden)

to fall out of ... 

uit ... vallen

to figure out

begrijpen, doorgronden

to fill in (Brits Engels)

invullen (bijv. een formulier)

to fill out (Amer. Engels)

invullen (bijv. een formulier)

to fill up

tot de rand vullen

to fine ... for 

... bekeuren wegens 

to get along

elkaar aardig vinden

to get around

zich kunnen verplaatsen

to get away

op vakantie gaan

to get away with ... 

ergens ongestraft mee wegkomen

to get back at (somebody)

wraak nemen

to get back into ...

opnieuw geïnteresseerd raken in ...

to get by 

zich (kunnen) redden

to get off ... 

van ... af gaan 

to get on 

verder gaan (met een activiteit) 

to get over (something)

genezen, overwinnen, 

to get rid of ... 

... kwijt zien te raken, van ... af komen

to get up

opstaan (uit bed, van een stoel)

to give (somebody) away

iets onthullen (over iemand)

to give (something) away

een geheim verklappen / iets weggeven

to give in

zich gewonnen geven

to give out ...

uitdelen, weggeven

to give up ...

stoppen met ...

to give up

het opgeven, niet langer proberen

to go after ...

iemand volgen / iets nastreven

to go ahead

verder gaan

to go over

even langsgaan, buurten

to go over ...

... nog eens nalezen / nakijken

to grow apart

uit elkaar groeien, uit het oog verliezen

to grow into ...

ergens in groeien (bijv. schoenen)

to grow out of ...

ergens te groot voor worden (bijv. schoenen)

to hand ... down

iets aan iemand overdragen, doorgeven

to hand in

inleveren, indienen

to hand out

uitreiken, verspreiden

to hand over

(gedwongen) overhandigen

to hang on

even wachten (informeel)

to hang up

telefoongesprek beëindigen, ophangen

to hold on

even wachten

to hold onto ...

... stevig vasthouden

to hold ... up

... overvallen, beroven

to hope for 

hopen op 

to insist on 

staan op (aandringen) 

to be involved in 

betrokken zijn bij 

to be keen on 

leuk vinden 

to keep on doing ...

doorgaan met ...

to keep ... from (someone)

... niet vertellen, achterhouden

to keep out

niet naar binnen (laten) gaan

to keep up ...

... in stand houden, volhouden

to keep up with ... 

... bijhouden 

to lay off 

ontslaan 

to let (somebody) down

iemand teleurstellen, niet meer steunen

to long for 

verlangen naar 

to look after

zorgen voor

to look at

kijken naar

to look down on 

neerkijken op 

to look for

zoeken naar

to look forward to

zich verheugen op, uitzien naar, tegemoet zien

to look into onderzoeken
to look out uitkijken, voorzichtig zijn
to look out for ...  waakzaam zijn voor ...
to look ... over ... nakijken, controleren
to make (something) up iets verzinnen, liegen
to make up elkaar vergeven, verzoenen
to make (somebody) up iemand opmaken (met make-up)

to meet up with

(iemand) ontmoeten (volgens afspraak)

to mix ... up

... met elkaar verwarren

to object to 

bezwaar maken tegen 

to pass away

overlijden

to pass by 

passeren 

to pass out

flauwvallen

to pass ... out

... uitdelen

to pass to 

overgooien naar, doorgeven aan

to persist in 

volharden in 

to pick out

kiezen

to point out

aanwijzen

to potter around

rondscharrelen

to provide with 

voorzien van 

to put (somebody) down

beledingen, kleineren

to put (something) down

... neerleggen

to put ... off

... uitstellen

to put ... on

... aantrekken (kleding, sieraden)

to put ... out

... blussen

to put up with 

verdragen, tolereren 

to receive from 

ontvangen van

to remind (him) of

(hem) eraan herinneren

to run into ...

... toevallig tegenkomen 

to run at ... 

naar ... toe, op ... af rennen (dreigend)

to run out of ...

geen ... meer over hebben (uitverkocht)

to run over ...

... overrijden (bijv. met een auto)

to run over ...

... oefenen, nog eens doorlopen

to run to ... 

naar ... toe rennen

to set (somebody) up

iemand in de val lokken

to set (something) up

iets organiseren, regelen

to shop around

prijzen vergelijken

to show off

uitsloven

to sleep over

overnachten

to sort (something) out

iets oplossen, uitzoeken

to stick to ...

... blijven doen, volhouden

to be suspicious of 

wantrouwen 

to take aback

choqueren

to take after (somebody)

lijken op iemand

to take off

opstijgen (vliegtuig)

to take ... off

... uittrekken

to take (somebody) out

mee uit nemen

to take (something) out

verwijderen, wegzetten

to think of

denken aan

to think ... over

... overwegen

to turn ... down

... zachter zetten / weigeren

to turn ... up

... harder zetten

to turn up

opeens verschijnen

to turn to

zich wenden tot

to use ... up

de hele voorraad opgebruiken

to wait for 

wachten op 

to warn about

waarschuwen voor 

to warn of 

waarschuwen voor

to wear off

vervagen

to work out 

sportief bewegen / slagen (bijv. een plan)

to work ... out

uitrekenen, financieel uitwerken

 

En hier zijn nog wat andere vaste combinaties van woorden met een voorzetsel.

 

according to 

volgens 

afraid of 

bang voor 

anxious about 

bezorgd over 

as of (today)

vanaf (vandaag)

... as well as ... 

zowel ... als ... 

at a certain point

op een bepaald moment

at odds with 

in strijd met 

bad at 

slecht in 

close to 

dicht bij 

due to 

dankzij, als gevolg van 

far from 

verre van 

fond of 

dol op

good at 

goed in

in a bad/good temper 

in een slecht/goed humeur 

to speak in a low voice 

met een lage / zachte stem 

in accordance with 

in overeenstemming met 

to be in business 

begonnen zijn, meedoen 

in lieu of 

in plaats van 

in my opinion

naar mijn mening

in order to 

om te, teneinde 

in spite of 

ondanks

instead of 

in plaats van 

interested in

geïnteresseerd in

liable for 

aansprakelijk voor 

liable to 

onderworpen aan 

next to 

naast 

on behalf of 

namens 

outside of

buiten

to be on time 

op tijd zijn 

pay attention to 

letten op, aandacht schenken aan 

pleased with 

blij met 

to be prepared for 

voorbereid zijn op 

prior to 

voorafgaand aan 

proud of 

trots op 

scared of 

bang voor 

subsequent to

volgend op

surprised by

verrast door

suspicious of 

wantrouwig naar

terrified of 

bang voor 

thanks to 

dankzij 

to and fro 

af en aan 

worried about 

bezorgd om 






Beter Spellen Beter Rekenen NU Beter Engels NU Beter Duits NU Beter Frans NU Beter Spaans Beter Bijbel

© 2012 - NU Beter Engels is een initiatief van Martin van Toll Producties

in samenwerking met Noordhoff